Dag 03. La Roche en Ardenne – Stadtkill

Of: Een plan dat heel anders uitpakte.

Het landschap in de Ardennen bevalt me wel. Leuke wegen met mooie bochten. Voor vandaag was het plan om naar de Eifel te rijden. Ik had een flinke rit in gedachten met een lus door Luxemburg. Ik was benieuwd wat ik onderweg zou aantreffen en hoe de overgang naar de Eifel zou zijn. Maar dit plan pakte heel anders uit.

Vol goede zin vertrokken we vanuit La Roche en Ardenne. De navigatie wilde liever over de grotere wegen sturen. De Guzzi en ik hadden meer zin in de kleinere wegen door de bossen en over de heuvels. Voorbij Bastogne ben ik langs de weg gestopt om nog eens de route zeker te krijgen. Na wat gedoe waren we het gedrieën eens over het plan voor vandaag. Eindelijk.

We konden verder rijden. Ik wilde de Guzzi starten om te gaan. En toen gebeurde het, of eigenlijk er gebeurde niets. Er klikte en ratelde wel iets in de motor, maar verder gebeurde er niets. De motor draaide niet, startte niet. Misschien greep de startmotor niet goed aan? Ik probeerde de Guzzi wat duwtjes naar voren en achteren te geven. Dat hielp niet.

Er stond een symbool op het beeldscherm ter waarschuwing van een laadprobleem. Dat probleem had ik laatst ook, de accu is toen vervangen. Misschien op een andere manier alsnog te weinig stroom? Ik heb gecheckt of de nieuwe accu goed was aangesloten. Dat leek in orde en de zekeringen waren ook in orde. Ik heb gekeken of ik bij de startmotor of de dynamo kon komen. Dat lukte niet.

Daar stonden we dan. Geen startende motor. Ik kon niet verder. We stonden aan een doorgaande weg in de buurt van Bastogne. In de schaduw dat nog wel. En naast het huis van een vriendelijke buur, de kapel van de Heilige Barbara. Als ze thuis zou zijn kon ik nog om wijwater en een hosti vragen. Maar de deur zat dicht. Ik had nog drinkwater, koekjes en worstjes. Ik kon het probleem niet zelf verhelpen.

Het was tijd voor hulp van de hogere goden van de pechdiensten. Het probleem was vlot gemeld bij de ANWB. Via een combinatie van telefoon en internet. Via SMS werd ik op de hoogte gehouden van de vorderingen. Binnen het uur belde iemand van de Belgische wegenwacht, een monteur was onderweg. Die kwam vlot daarna. De accu werd verbonden met een draagbare accu met een diagnose apparaat. Het oordeel was ook snel geveld: de accu is in orde, maar onvoldoende geladen, de dynamo levert onvoldoende stroom om de accu geladen te houden. Dat moet eerst gerepareerd worden voordat ik verder kan reizen. Zucht.

We hebben er nog wat over gepraat. “Het is niet anders.” . . . “C’est la vie.” . . . “C’est le temp.” . . . “ C’est Guzzi.” En meer van dat soort wijsheden. Ok, zo kon die wel weer. De alarmcentrale zou geïnformeerd worden om een sleepwagen te sturen. Dat liet nogal op zich wachten.

Na wat gebel met de ANWB kwam er uiteindelijk toch nog snel een sleepwagen om de Guzzi naar een garage te brengen. De chauffeur van de sleepwagen bevestigde eigenlijk direct de diagnose van de Belgische wegenwacht. Bovendien, zijn garage zou de motor niet kunnen herstellen, ze werken alleen aan auto’s. De dichtstbijzijnde garage voor Moto Guzzi’s is net een half jaar geleden gestopt. Geschikte garages zijn verder dun gezaaid. Ook dat gebeurt. Exotische dingetjes dus die Guzzi’s.

Overigens had de garage op een of andere manier de afgelopen maanden veel werk aan het afslepen van motoren. In de werkplaats mocht ik een kleine collectie bezichtigen. Het was me een fraai stelletje kneuzen bij elkaar. Ik zag een paar gebroken voorvorken, gebogen spatborden, kromme wielen, gedeukte tanks en plukken gras die her en der uit de machines staken. Toch maar een triest resultaat van denkelijke stuurfoutjes. Goede handel blijkbaar voor de garage. Voor mij was het welkome afleiding.

De Guzzi importeur bevestigde ondertussen aan de ANWB dat er geen geschikte garages dichtbij waren. De juiste onderdelen zouden ook niet binnen 48 uur beschikbaar zijn, eerder over enkele weken pas. Mijn hoop was definitief verdwenen dat mijn Guzzi snel weer in orde kon worden gemaakt.

Waar moest de Guzzi dan naartoe, naar een garage verder weg en voor hoelang? Mijn Guzzi leed en zou ik hem ergens en onder onduidelijke omstandigheden moeten achterlaten voor een nog onduidelijker vervolg. En hoe kreeg ik de Guzzi dan weer terug? Het vervoer naar Nederland kon zeker twee à vier weken op zich laten wachten. Vooruit dan maar.

En de vraag diende zich aan hoe ik mijn reis wilde afmaken met vervangend vervoer? Ik mocht ook met het openbaar vervoer? Hoe moest dat dan met mijn bagage? Een halve kuub koffers en tassen onder de armen nemen leek me een wat vreemde vertoning. Dat zou in ieder geval een auto worden, motoren deed de ANWB niet aan. Wilde ik dat wel, een auto? Voor hoeveel dagen dan?

Voor de ANWB was het kennelijk de rest van de middag een heel gezoek naar de mogelijkheden om met dit pakketje om te gaan. Ik werd overladen met vragen en vraagjes. Na enige tijd heb ik de meneer van de ANWB uitgelegd dat hij eigenlijk nogal diep in mijn ziel aan het snijden was.

Bovendien, ik had me er toch op ingesteld om per motor te reizen. Dat was nu niet meer mogelijk. Misschien kon ik wel per auto de reis afmaken. Dat flaneren met een auto door het Ardenner landschap is toch iets anders. Bovendien, zoiets onderneem ik liever met ander gezelschap.

Het werd steeds later in de middag. Zoals de zaken nu gingen was te voorzien dat ik pas vroeg in de avond duidelijk zou krijgen over hoe ik nog op pad kon gaan. De geplande overnachting was zeker anderhalf uur rijden, min of meer binnendoor. Naar huis was twee uur langer doorrijden over min of meer bekende doorgaande wegen.

Dus, ik wilde graag naar huis, met mijn bagage, in een auto, het liefst met een automatische versnelling zoals ik thuis ook rijd. De garage waar ik al de hele middag zat verhuurt vervangende auto’s. Het terrein stond vol met buitenlandse auto’s. Wat mij betreft leek het erop dat ze er ervaring mee hadden, dus kon “mijn” auto van daar komen?

Nee hoor, de ANWB doet kennelijk niet zulke zaken met dit bedrijf. Met enige moeite werd “in de buurt” – dat is 30 km verderop – een geschikte verhuurder van auto’s gevonden. Het was al echt laat in de middag. Gelukkig was die verhuurder bereid om op mij te wachten met het sluiten van de zaak. Een taxi werd ten lange leste met enige tegenzin geregeld door “mijn” garage.

Na een lange rit door de binnenlanden bij Bastogne kwamen we aan bij de verhuurder, Depannage Bertrand. Eerst had ik het idee dat we bij een sloperij waren aangekomen. Zo zag het eruit althans, heel veel zwaar beschadigde auto’s op een rommelig kapotgereden terrein. De bouwwerken waarin de werkzaamheden plaatsvonden leken uit het sloopmateriaal samengesteld.

Na enige tijd kwamen een oudere man en vrouw aangelopen. Ze zagen eruit als de lokale grootouders. Zij had een bij de rol passende schort aan, blauw met bloemetjes. Ik dacht zomaar dat ze al lange tijd in de plooien van haar schort allerlei verstoft lekkers voor de kinderen verborgen hield. Dat riepen mijn gevoelens van vroeger als kind op. Hij liep in een korte smoezelige broek en T-shirt. Beiden sloften op plastic sandalen over het terrein. Een of ander keffertje rende mee.

“Wat ik daar kwam doen?” En “Nee, verhuur van auto’s daar deden ze niet aan. Misschien wist de dochter raad. Ik moest maar meelopen naar binnen.” Het tafereel van buiten werd binnen voortgezet. Het sloopmateriaal hield de bouwwerken op een of andere manier wel bijeen. Er renden beesten rond, er stonden kooien met kuikens, er stonden broedkasten. Ik herkende ook een auto en onderdelen van zulke vervoermiddelen.

Ik werd het kantoor binnengevoerd. Dat was in eenzelfde stijl ingericht als de “werkplaats”. De geur van de dieren was nu nadrukkelijker aanwezig. Eigenlijk net zo aanwezig als de geur van zo’n geparfumeerd boompje dat taxichauffeurs nogal eens in de auto ophangen. Zo’n geur die je nog lange tijd gaat achtervolgen. Overal lagen stapels papier. Er stonden jerrycans. Er lagen eierschalen verspreid over de grond. Hier ging het dus gebeuren. Ik was benieuwd.

De dochter verscheen en nam plaats achter wat waarschijnlijk de balie was. Ze was gekleed volgend de lokale codes, spaarzaam en op slippers. Heel gedecideerd stelde ze een aantal adequate vragen: rijbewijs, bankpas (nee geen pincode). Tussen de stapels papier en andere zaken schoven we de gevraagde documenten over de plakkerige plank heen en weer.

“Dat was het.” Zei ze. Ik was verrast. Gewoonlijk moet ik voor de zaak waarvoor ik daar was toch heel wat papieren tekenen en uiteindelijk sleutels krijgen. Niets van dat al. Het was in orde wat haar betrof. “En de auto?” Vroeg ik. Die vraag bracht mogelijk weer wat orde in de zaak. Of ik even wilde volgen. Inmiddels was er een auto binnen gezet. “Nieuw. Negen kilometer gereden.” Zei ze. “Nederlands kenteken?” Vroeg ik. “Oui bien sûr.” Zei ze. “Dat was het.” Zei ze nog eens. En ze liep weg.

Ik was op. Ik ben ingestapt en gaan rijden. Het was even zoeken. Andere auto, andere bediening, een ander navigatiesysteem en een vaag adres van de garage. Het is me gelukt. Ik heb mijn bagage opgehaald bij de garage. Vervolgens ben ik zonder noemenswaardig oponthoud terug gereden naar huis.

Het landschap van de Ardennen lag er mooi bij onder de ondergaande zon. Hier wil ik beslist nog eens terugkomen. Jammer dat ik deze rit niet kon afmaken met de Guzzi.

Ik zette een plaat op: “I am glad trouble don’t last always” van Luke Winslow King. . . . “I am on my way” . . . “No more crying today”. Zo kan die wel weer met die emoties.

16 antwoorden op “Dag 03. La Roche en Ardenne – Stadtkill”

  1. Zo, dat was weer een echt avontuur! Panbe in het buitenland. Altijd nog spannender dan hier. Interessant kantoor ook!
    Jammer dat het zo gelopen ( of is het gereden?) is, maar de rest vd reis houd je nog tegoed!

  2. Nou, dat is erg jammer. Het gaat zoals het gaat met die exotische apparaten helaas.

    Hopelijk blijft de beunhaas met z’n tengels van de Guzzi af en is hij snel weer bij z’n baasje.

  3. Hallo Eugenio – ich dachte erst, ich lese nicht recht als ich mir deinen Bericht soeben angeschaut habe…Vor ein paar Wochen, da wollte meine alte Madonna ebenfalls nicht anspringen und ich erinnerte mich an die Zeit, als ich noch meinen alten Kumpel Bully gefahren bin. Dem VW-Bus T 3 Baujahr 1980 gab ich manchmal einen Klaps mit dem Schraubenschlüssel auf die Lichtmaschine. Das machte Eindruck und die Mühle lief dann auch wieder. Klar, das lag an dem Magnetschalter – typisches Problem bei diesem Model So auch bei meiner Guzzi. Ein, Zweimal mit dem Schraubenschlüssel auf den Magnetschalter und die Guzzi sprang dann wieder an… Tut mir wirklich leid für Dich und dein Dilemma mit der Guzzi und hoffe insgeheim. Das tut der Guzzi Liebe nun keinen Abbruch…

        1. Hallo Klaus, Der Guzzi ist seit gestern auf dem Weg in die Niederlande. Anschließend besprechen wir mit der Werkstatt, wie das Problem am besten angegangen werden kann. Im Ladesystem läuft definitiv etwas schief. Es wird auf jeden Fall in Ordnung sein. Grüße, Eugenio

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *